FOUNTAINHEAD

PRIJSVRAAG STADSKANTOOR ROTTERDAM

FOUNTAINHEAD-front

Fountainhead omvat drie onderdelen: een instituut voor de wederopbouw van Rotterdam, een vrij maaiveld en een nieuw stadskantoor.

Wederopbouw: Vanuit het Stadstimmerhuis werd in de jaren na de Tweede Wereldoorlog de regie gevoerd over de wederopbouw van Rotterdam. Alleen al om die reden is het een belangrijk naoorlogs monument dat behouden moet blijven. De monumentale waarde wordt nog verhoogd door de achtergevels van het gebouw in hun oorspronkelijke staat te herstellen. Als in het Stadstimmerhuis een Wederopbouwinstituut wordt gevestigd, zou dit de emotionele lading van de locatie extra versterken. In zo’n instituut is ruimte voor tentoonstellingen, lezingen, workshops, symposia en kantoren. Het kan worden gebruikt voor kennisoverdracht over landen en steden die met vraagstukken van wederopbouw worden geconfronteerd. De City Hall is de gecombineerde entree van het Wederopbouwinstituut en het nieuwe stadskantoor. Door de herinnering aan het verleden van de stad zal de bezoeker Rotterdam als wederopbouwstad ervaren.

FOUNTAINHEAD-plein

Vrij maaiveld: Het nieuwe Stadskantoor staat op een voetstuk en begint pas op dertig meter hoogte. Het maaiveld, dat daardoor vrij blijft, wordt opgetild en krijgt een helling. Een gedeeltelijk lichtdoorlatend vlak met schegvormige elementen kan dienen als openbare tribune. Het entreegebied krijgt zo de vorm van een overdekt forumplein. Het wordt ingericht met beelden, met Zadkine’s Verwoeste Stad als middelpunt. Dit unieke buitengebied wordt verlicht door gigantische kroonluchters die aan het ‘stedelijke plafond’ hangen. Samen met de schaalvergrotende kolomstructuur van het opgetilde stadskantoor zal het Stadstimmerhuis dan een decorstuk voor de stad zijn. Het profiel van het Rodezand wordt verbreed en vormt een eenheid met de Stadhuisstraat, met een bestrating die een soortgelijke textuur en transparantie heeft. Markante gebouwen als het postkantoor, het stadhuis en het Stadstimmerhuis komen vrijer en uitdrukkelijker in hun omgeving te liggen. De Meent blijft een straat met een diversiteit aan functies.

strip

 Stadskantoor: Omdat Rotterdam steeds groter wordt, moet de gemeente het stadhuis voortdurend uitbreiden en reorganiseren. Nu opnieuw een uitbreiding aan de orde is, wordt een meer praktische oplossing verlangd voor het telkens terugkerende vraagstuk van de ruimtelijke organisatie. Gebouwen in de binnenstad kunnen zich nauwelijks horizontaal uitbreiden. Hoogbouw ligt dus voor de hand, maar het hoogbouwbeleid staat voor de locatie van het stadskantoor slechts gebouwen toe tot zeventig meter. Daarom kan het stadskantoor gefaseerd worden opgebouwd: eerst tot zeventig meter, later – als het beleid een verticale uitbreiding toestaat – hoger. De draagconstructie is immers berekend op een gebouw tot tweehonderd meter. In de eerste fase biedt het stadskantoor ruimte aan stedelijke diensten, zoals publieksbalies, trouwzalen, horeca� en kantoorfuncties. In volgende fasen kan het gebouw ook commerciële faciliteiten opnemen. Het gefaseerd bouwen en de vrijheid in de ruimtelijke organisatie onderscheidt zich per bouwfase en komt tot uitdrukking in de architectuur. Elke bouwfase wordt bekroond met het jaartal in neon. Het plateau verheft het stadskantoor hoog boven de stad. Op dit plateau bevinden zich onder meer de openbare diensten en een trouwzaal (te bereiken per trouwauto), omgeven door een terras met een uniek uitzicht over de stad. Het geheel wordt ontsloten via de City Hall en stijgpunten in de kolommen. Het nieuwe stadskantoor wordt een eyecatcher voor de havenstad Rotterdam en zal model staan voor de metropool van de toekomst.

FOUNTAINHEAD-2045

Ecotronics

Constructie en materialen: Om de vloeren vrij indeelbaar te houden, bevinden de hoofddraagconstructie, de liften, de trappen en alle verticale kanalen zich in de gevelzone. Ook de hoogte van de vloeren is variabel uit te voeren. Het transport van lucht en water vindt bijna geheel plaats door de holle buizen van de constructie. De hoofddraagconstructie bestaat uit hydraulisch voorgespannen cilinders die zijn gemaakt van Glare. Dit is een nieuw, zeer sterk, gelamineerd constructiemateriaal dat in Nederland door Stork in samenwerking met Technische Universiteit Delft voor de defensie- en luchtvaartindustrie is ontwikkeld. Omdat het ook brandwerender is dan de gebruikelijke materialen, zal het gebouw bij calamiteiten langer overeind blijven.

FOUNTAINHEAD-DSN

Energiezuinig: De brede, slanke toren heeft een dubbele gevel: een binnengevel met grote, kantelbare ramen van dubbelglas en een buitengevel van enkelglas. De tussenliggende ‘spouw’ is drie meter breed en werkt als energiebesparende, klimaatregulerende buffer tussen het buitenklimaat en het interieur. Dit wordt bereikt door in de spouw regulerende energiespiralen aan te brengen. Deze zijn gemaakt van dunne radiatorbuizen die zijn bekleed met zonnecellen; ze leveren energie via een dynamo. Door hun convector- en propellerfunctie kunnen de snelheid van de luchtverplaatsing en de temperatuur in de gevelzone op de gewenste waarde worden gebracht. Dit kan op een energiezuinige manier door de warmtewisselaars, die op functionele afstanden boven elkaar in de toren zijn geplaatst, te combineren met de gescheiden ondergrondse opslag van warm en koud ‘seizoenswater’. Dit systeem functioneert het zuinigst met een zo groot mogelijk geveloppervlak. Bij de warmtewisselaars bevinden zich ook andere ecologische klimaatinstallaties, zoals lucht- en waterfilters. Dankzij deze optimale recycling blijft het aantal aan- en afvoerkanalen op de begane grond tot een minimum beperkt.

FOUNTAINHEAD-eco-dsn-fragment

Winter- en zomersituatie: In de winter veroorzaakt de afgekoelde lucht in de zone tussen de gevels een koudeval die de spiraal in beweging brengt. Om deze koudeval tegen te gaan, kan warm water uit de warmtewisselaar door de energiespiraal worden geleid. Deze werkt dan als verwarmende convector. Het afgekoelde water uit de spiraal gaat via de warmtewisselaar naar de ondergrondse seizoensopslag voor koud water. Daar wordt het bewaard tot het ‘s zomers voor koeling kan worden gebruikt. Doordat de spouw goed isoleert, kan voor de verwarming van de binnenruimte worden volstaan met een energiezuinig systeem van vloerverwarming. Het verwarmingswater hoeft dan maar van twintig graden (de temperatuur in de seizoensopslag) tot veertig graden te worden opgewarmd. In de zomer wordt de spiraal aangedreven door de lucht die door de zon is opgewarmd en in de spouw omhoog stijgt. Door er koud water door te pompen, werkt de spiraal als koelende convector. Er ontstaat een mild klimaat als overgang naar de binnenruimte. Voor verdere koeling van de binnenruimte kan worden volstaan met watergekoelde, verlaagde plafonds. Voor de energiezuinige airconditioning hoeft het koude water van tien graden uit de ondergrondse opslag nog maar tot zes graden te worden afgekoeld.

movie
ontwerp FORIDEAS (2001)  i.s.m. met Gaston Peer en Ronald Wisse
Met onze inzending wonnen we de prijsvraag voor een nieuw stadskantoor

Archined